
Ontwakend Albanië - van Hoxha tot hoop
- Albanië
- Cultuur
- Geschiedenis
- Groepsreis (Nederlandstalig)
- +4
Nederlands erfgoed in Dürres
De Nederlandse officier Lodewijk Willem Ernst Jan Thomson (1869–1914) is een bijzondere naam in de geschiedenis van Albanië én Nederland. Kort na de onafhankelijkheid van Albanië in 1912 heerste er grote onrust in het land. De Europese grootmachten besloten een internationale gendarmerie op te zetten om orde te scheppen, en Nederland – toen een neutrale staat zonder koloniale belangen op de Balkan – werd gevraagd deze missie te leiden.
Majoor Thomson, een ervaren militair met missies in Macedonië en China achter de rug, kreeg de leiding over ruim honderd Nederlandse officieren. In 1914 arriveerden zij in de havenstad Durrës, destijds de voorlopige hoofdstad van Albanië. Hun taak was de jonge staat te ondersteunen en stabiliteit te brengen in een tijd van interne verdeeldheid en buitenlandse druk.
Op 15 juni 1914 vond in Durrës een aanval plaats door lokale gewapende groepen en buitenlandse troepen. Terwijl Thomson de verdediging leidde, werd hij door een kogel dodelijk getroffen. Daarmee werd hij de eerste Nederlandse militair die sneuvelde tijdens een internationale vredesmissie. Zijn overlijden maakte diepe indruk, zowel in Nederland als in Albanië. Zijn stoffelijk overschot werd later met militaire eer naar Den Haag teruggebracht en daar begraven.
Toch bleef Thomson ook in Albanië voortleven. In 2003 werd aan de boulevard een standbeeld van majoor Thomson onthuld, waarmee hij officieel werd erkend als ereburger van Durrës. Het monument symboliseert dankbaarheid en respect van de Albanese bevolking voor zijn inzet.